← Back

Past Experiences

Past tense with more detail.
Gisteren ging ik naar de markt.
Yesterday I went to the market.
Gisteren ging ik naar de markt.
Ik kocht een nieuw boek.
I bought a new book.
Ik kocht een nieuw boek.
We aten in een restaurant.
We ate at a restaurant.
We aten in een restaurant.
Gisteren zag ik mijn vriend.
I saw my friend yesterday.
Gisteren zag ik mijn vriend.
Gisteravond regende het.
It rained last night.
Gisteravond regende het.
Vorig jaar reisde ik naar Duitsland.
Last year I travelled to Germany.
Vorig jaar reisde ik naar Duitsland.
Zij belde mij vanochtend.
She called me this morning.
Zij belde mij vanochtend.
We keken samen een film.
We watched a film together.
We keken samen een film.
Ik leerde veel nieuwe woorden.
I learned many new words.
Ik leerde veel nieuwe woorden.
Het eten was heerlijk.
The food was delicious.
Het eten was heerlijk.
Vorige week was ik ziek.
I was sick last week.
Vorige week was ik ziek.
We hadden een geweldige vakantie.
We had a wonderful holiday.
We hadden een geweldige vakantie.